Study your flashcards anywhere!

Download the official Cram app for free >

  • Shuffle
    Toggle On
    Toggle Off
  • Alphabetize
    Toggle On
    Toggle Off
  • Front First
    Toggle On
    Toggle Off
  • Both Sides
    Toggle On
    Toggle Off
  • Read
    Toggle On
    Toggle Off
Reading...
Front

How to study your flashcards.

Right/Left arrow keys: Navigate between flashcards.right arrow keyleft arrow key

Up/Down arrow keys: Flip the card between the front and back.down keyup key

H key: Show hint (3rd side).h key

A key: Read text to speech.a key

image

Play button

image

Play button

image

Progress

1/16

Click to flip

16 Cards in this Set

  • Front
  • Back

Elle a choisi une truite comme plat pricipal.

Zij heeft als hoofdgerecht een forel gekozen.

Il faut toujours mettre de l'huile sur la salade.

Je moet altijd olie over de sla doen.

Quel est le poids?

Wat is het gewicht?

Dans ce supermarché il y a un choix formidable. Ils ont vraiment tout.

In deze supermarkt is er een geweldige keus. Ze hebben echt alles.

Moi, j'adore le chocolat.

Ik ben gek op chocolade.

Dans ce grand magasin grand magasin tout est bon marché sauf les produits alimentaires.

In dit warenhuis is alles goedkoop behalve de levensmiddelen.

Demain il y aura une dégustation gratuite dans la cave de ce vigneron. Il a des vins excellents!

Morgen zal er een gratis proeverij zijn in de kelder van deze wijnboer. Hij heeft uitstekende wijnen!

Aprés la promenade ils ont mangé une glace. Il faisait chaud!

Na de wandeling hebben ze een ijsje gegeten. Het was warm!

Si tu manges trop de gàteaux, tu vas grossir.

Als je te veel taartjes eet, zul je dik worden.

Le serveur nous a apporté un croque-monsieur.

De ober heeft ons een tosti gebracht.

L'eau du robinet a un drôle de goût ici.

Het water uit de kraan heeft hier een rare smaak.

Ses conseils ont beaucoup contribué à une meilleure alimentation.

Zijn adviezen hebben veel bijgedragen aan een betere voeding.

Aprés le repas il a demandé l'addition à la serveuse.

Na de maaltijd vroeg hij de rekening aan de serveerster.

Qu'est-ce qu'il y a comme entrée.

Wat is er als voorgerecht.

En bébé boit de lait.

Een baby drinkt melk.

Ce supermarché a des offres spéciales pour quelques produits.

Deze supermarkt heeft voor enkele producten speciale aanbiedingen.